Op de Meent willen we kinderen aanspreken op hun eigen niveau. Het gevolg hiervan is dat kinderen binnen één groep aan verschillende leerstof werken. Betrokkenheid is voor ons de krachtigste aanwijzing om te signaleren of kinderen zich goed ontwikkelen. Hoe groter de betrokkenheid die we bij kinderen weten te realiseren, hoe meer er wordt bijgedragen aan de ontwikkeling van elk kind.

Hoe krijgt de ondersteuning van de jongste leerlingen in groep 1 t/m 4 vorm

                    
De leerlingen met extra ondersteuning en begeleiding vallen altijd binnen het groepsplan onder de intensieve groep.

Groep 1

Er is extra ondersteuning en begeleiding voor kinderen die de school binnen komen. Vanuit de voorschoolse periode is aangegeven dat er speciale aandacht vereist is of dat dit door ouders tijdens het intakegesprek is aangegeven. Kinderen met een beperkte woordenschat worden in kaart gebracht middels de TAK en de screeningslijst van de taalcoördinator. Hierop wordt de onderwijstijd voor woordenschatonderwijs uitgebreid en in overleg met ouders wordt er een map samengesteld zodat er ook thuis wordt geoefend met de aangeleerde woorden binnen de thema’s van de groep. Hiernaast worden extra woorden aangeboden (BAK lijst). Er wordt uitdrukkelijk samengewerkt met ouders en eventuele thuisondersteuners / vrijwilligers.

Groep 2-3-4

Kinderen met opvallend gedrag worden extra gevolgd en ondersteund in overleg met de ouders en eventuele thuisondersteuners. Gezamenlijke afspraken worden gemaakt en er zijn tussentijdse gesprekken waarin de afspraken worden geëvalueerd. Kinderen met een beperkte woordenschat krijgen een aanpak conform de kinderen in groep 1. Kinderen met beperkte aanvankelijk leesvoorwaarden krijgen extra aandacht/uitbreiding van leertijd voor dit belangrijke onderdeel.

Groep 3

Kinderen met problemen bij het aanvankelijk lezen krijgen uitbreiding van leertijd en in overleg met ouders extra oefening en werk voor thuis. Kinderen met problemen bij het aanvankelijk rekenen krijgen uitbreiding van leertijd en in overleg met ouders extra oefening en werk voor thuis.

Groep 4

Kinderen met hardnekkige leesproblemen (vermoeden dyslexie) worden extra gevolgd en begeleid in de intensieve groep binnen het groepsplan. Hiernaast wordt er voor een beperkt aantal kinderen een map samengesteld en is er uitbreiding van leertijd altijd in overleg met de ouder(s).

Kinderen met hardnekkige spellingproblemen (vermoeden dyslexie) worden extra gevolgd en begeleid in de intensieve groep binnen het groepsplan. Hiernaast wordt er voor een beperkt aantal kinderen een map samengesteld en is er uitbreiding van leertijd altijd in overleg met de ouder(s).

Kinderen met hardnekkige rekenproblemen (vermoeden dyscalculie) worden extra gevolgd en begeleid in de intensieve groep binnen het groepsplan. Hiernaast wordt er voor een beperkt aantal kinderen een map samengesteld en is er uitbreiding van leertijd altijd in overleg met de ouder(s).

Reguliere begeleiding van leerlingen


Iedere leerling heeft specifieke onderwijsbehoeften. Wij clusteren deze onderwijsbehoeften in drie subgroepen, met elk een eigen instructiebehoefte: basisinstructie, verlengde instructie en verkorte instructie.
In overleg met de leerkracht wordt speciale aandacht besteed aan kinderen met specifieke onderwijsbehoeften. De IB-er en de leerkracht bekijken samen welke verdere stappen ondernomen moeten worden om deze kinderen optimaal te begeleiden. Wanneer de ontwikkeling van een kind achterstand oploopt of wanneer een leerling gedurende lange tijd een weinig betrokken houding laat zien, wordt dat natuurlijk als eerste gesignaleerd door de groepsleerkracht. Hij zal in eerste instantie proberen om binnen de groep deze problemen op te lossen door het geven van extra begeleiding, aangepaste leerstof of door het voeren van gesprekken met de betreffende leerling en eventueel de ouders. Deze aanpak wordt beschreven in het groepsplan. Als de extra acties niet voldoende blijken te zijn gaat de leerkracht te rade bij de IB-er. Na de groepsbespreking stelt de leerkracht een nieuw groepsplan op. In dit groepsplan wordt vastgelegd aan welke doelen er voor een groep van leerlingen wordt gewerkt, op welke manier en met welke materialen. Ook staat de vorm van begeleiding beschreven.

In principe zal de extra hulp binnen de klas plaatsvinden. Op verzoek van de groepsleerkracht kan de IB-er kinderen op bepaalde onderdelen/vakgebieden nader toetsen, om een nog duidelijker beeld te krijgen van de hulp die het kind nodig heeft. In dit geval worden ouders van tevoren geïnformeerd. Soms kan het nodig zijn dat iemand van buiten de school wordt ingeschakeld, om een kind nader te toetsen. U kunt hierbij denken aan: Basisteam Jeugd en Gezin, GGD, logopedist of een extern onderzoeksbureau. Indien het nodig is dat een externe instantie onderzoek doet, wordt aan ouders vooraf toestemming gevraagd. Natuurlijk kunnen ouders ook zelf een onderzoek laten afnemen.

Extra ondersteuning en begeleiding op de Meent

De Meent maakt deel uit van het samenwerkingsverband 30.06. Binnen dit samenwerkingsverband 30.06 zijn afspraken gemaakt over de manier waarop de scholen de kwaliteit van de begeleiding van kinderen willen verbeteren. Dit wordt het drie fasen model binnen het onderwijs continuüm genoemd. Het doel hiervan is dat de basisscholen steeds beter in staat zijn kinderen ‘op maat’ te laten leren. Het drie fasen model is als volgt vormgegeven.

Fase I;

Voor alle kinderen is het basis leerstofaanbod beschreven in het groepsplan. De ouders
worden door de leerkracht geïnformeerd over de instructiegroep waarin het kind is ingedeeld.

Fase II;

Als een kind de doelen uit het groepsplan en het basisaanbod niet kan behalen, wordt
er een aangepast en specifiek plan van aanpak gemaakt voor een afgesproken periode.
Het kind wordt in de leerlingbespreking besproken met de intern begeleider en de
ouders worden geraadpleegd, geïnformeerd

Fase III;

Wanneer de doelen uit het plan van aanpak niet worden behaald volgt een verdere
analyse en bespreking door leerkracht en intern begeleider. Een extern deskundige
wordt geraadpleegd en de ouders worden betrokken en er wordt de ouders om
toestemming gevraagd om een externe deskundige te mogen raadplegen

De intern begeleider is diegene die contact onderhoudt met het samenwerkingsverband 30.06. Ook kunnen ouders bij hem terecht voor eventuele vragen omtrent de aanmelding bij het speciaal basisonderwijs.

Speciaal basisonderwijs

Op de Meent proberen wij de kinderen naar behoefte te begeleiden. Toch is het soms onmogelijk om kinderen te begeleiden in hun ontwikkeling binnen de eigen school. Dan kan het nodig zijn een kind aan te melden voor het arrangement speciale school voor basisonderwijs (SBO). Dit is een school waar de kinderen speciale begeleiding en ondersteuning krijgen. Een aanvraag voor dit arrangement kan alleen samen met de ouders gedaan worden bij de bovenschool deskundige middels een MDO. De ouders vullen het aanvraagformulier in en de bovenschool deskundige als vertegenwoordiger van stichting OOG, vraagt het arrangement aan bij de commissie van toelaatbaarheid. Als er een toelaatbaarheidsverklaring is afgegeven, kan een kind aangemeld worden bij een speciale school voor basisonderwijs (SBO). In Uden is dit SBO De Tandem.